Westfries Genootschap
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families De Westfriese Molens

 

Facebook

Westfries Genootschap » 't Vierkant » 2002 » Nummer 3 » Pagina 4-5

Hooibroei: koeien binnen of buiten?

In 'Hooibroei' wordt de mening gevraagd van West-Friezen over kwesties die zich afspelen in onze streek. Deze keer: moeten koeien in de wei of op stal? Om bedrijfstechnische redenen lopen koeien steeds minder lang buiten. In het rapport 'Weidegang; uitzicht op een veelzijdige toekomst' schreef de Land- en Tuinbouworganisatie Nederland (LTO) dat in de toekomst meer dan de helft van de melkveehouders hun vee het hele jaar binnen zal houden.

Arie Schouten, veehouder te Nibbixwoud: „Onze koeien zijn dit jaar begin april al naar buiten gegaan. Tot eind oktober, begin november blijven ze dag en nacht in het land. Alleen als het 's nachts koud is, gaan ze eerder op stal. De melkfabriek CONO in de Beemster, waar Noord-Hollandse kaas gemaakt wordt, probeert zich te onderscheiden door de boeren die voor weidegang kiezen een halve eurocent per liter meer te geven. Dan moeten ze de koeien minstens honderd dagen en minimaal vijf uur per dag buiten laten lopen. Voor ons is dat natuurlijk geen punt. Het levert zo'n tweeduizend euro per jaar op. De graskaas heeft meer smaak en dat weet CONO goed te vermarkten. Zelf vind ik het gewoon mooi als koeien in het land lopen. Het is een aantrekkelijk beeld. Van oudsher is het zo geweest: sloten, grasland, vee.
Daarnaast hebben onze koeien minder problemen met hun gezondheid wanneer ze buiten lopen. Als ze op stal staan, moet de veearts vaker komen. Als ze na het melken het land weer ingaan, heb je echt het idee dat je klaar bent met je werk. Je hebt er minder omkijken naar. En tenslotte lijkt het me voor die beesten heerlijk om de ruimte te hebben en lekker in de buitenlucht te kunnen lopen.”

Evert Lassche, regiomanager Noord-Holland van de WLTO (Heerhugowaard): „Ik ben er voor om het buiten laten lopen van de koeien te bevorderen. Het is een wijze van ondernemen die maatschappelijk gezien veel waardering heeft.
In Noord-Holland loopt het vee meer buiten dan bijvoorbeeld in zuid-oost Nederland, op de zandgronden. En in West-Friesland is de cultuur om koeien buiten te laten grazen nog groter. Maar voor een ondernemer is het efficiënter de koeien op stal te houden. De mineralenbenutting is binnen makkelijker te beheersen dan in de wei. De kostprijs van de melk van koeien in de wei is hoger. En bij koeien op stal heb je de ziektebeheersing van de dieren beter in de hand.
Toch pleit de LTO ervoor om de koeien in de wei te laten zien. Als ondernemer ben je dan zichtbaar in de maatschappij aanwezig en dat waarderen de mensen.”

Melkrobot en voeding
Martien Chattellon, veehouder te Abbekerk: „We leven in 2002. De tijd dat de boeren met een melkkrossie het land in gingen, hebben we gehad. Ik heb zeventig melkkoeien en zeventig stuks jongvee. De droge koeien en de drachtige vaarzen gaan naar buiten, maar de melkkoeien niet.
Vanaf 1972 alleen 's middags en na 1996, toen er een melkrobot aangeschaft werd, helemaal niet meer. De koeien kunnen rondlopen in de stal, ze worden er gemolken en ze krijgen een mengsel van kuilgras, maïs en aardappelen te eten.
Dat gaat op maat. Ze geven veertig tot vijftig liter melk, en evenredig daaraan wordt er voer voor het voerhok gegooid. De samenstelling van het gras buiten verandert voortdurend. Met koud weer zitten er meer nitraten in, dan kunnen de beesten last krijgen van kopziekte.
Hier binnen hebben ze hun natje en hun droogje. Ook heb ik geen rompslomp in het land zoals hekken en sloten onderhouden en twee keer per dag de koeien binnen halen. Al ons gras wordt drie of vier keer per jaar op maat gemaaid en ingekuild. Natuurlijk, vroeger waren er overal koeien in de wei. Maar de bedrijven worden groter, de koe is genetisch zo gefokt dat ze gigantisch veel melk geeft, dan moet er ook gigantisch veel in. En binnen heb je dat in de hand. De mensen die nu geen koeien meer buiten zien, moeten maar ergens anders naar kijken als ze fietsen.
Er is genoeg te zien: pinken, paarden, tarwe, sloten, schapen, er wordt gemaaid en gehooid.
De gemeenschap wil wel het mooie plaatje, maar zonder zelf iets te doen. Men hoeft niet te maaien of te krozen. Soms denk ik wel eens dat de boeren niks goed kunnen doen.
Ze moeten ons eigenlijk gewoon onze gang laten gaan.”

 


© 1924-2018 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap - Privacyverklaring

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.