Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon Monumentale Kerken

Projector Reiscommissie Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families Westfriese Molens

 

Facebook

Archivering » Westflinge » 2008 » 26 maart

Engelse aarde voor Enkhuizer bakker

Westflinge
De rubriek Westflinge richt de schijnwerper op het verleden van West-Friesland met een actuele aanleiding. Vandaag aandacht voor bijzonder aardewerk van regionale bodem: majolica.
(Eerder verschenen in het Noordhollands Dagblad, woensdag 26 maart 2008.)

Door Ed Dekker

HOORN – Jan Lourensz de Vogel en Thomas Jansz van Boonen hebben hun sporen als majolicabakkers achtergelaten in West-Friesland. Zij hadden in het begin van de zeventiende eeuw hun werkplaats in respectievelijk Hoorn en Enkhuizen. Voorbeelden van hun werk zijn te zien op een tentoonstelling in het Westfries Museum.

De expositie ‘Geleijers’ geeft een indruk over vroege Noord-Nederlandse majolica in West-Friesland in de periode 1600-1650. ‘Geleijers’ is de afscheidstentoonstelling van Carel de Jong. De adjunct-directeur van het Westfries Museum gaat met pensioen.
Pronkstukken van majolica zijn te bewonderen tot en met 15 juni. De expositie wordt geopend door prof. dr. Christiaan Jörg, hoogleraar aan de Universiteit Leiden. Daarbij gaat hij in op het onderwerp ‘Oost-West interacties in de kunstnijverheid’.
De majolicabakkers Jan Lourensz de Vogel en Thomas Jansz van Boonen worden genoemd in een brochure die verschijnt bij de tentoonstelling. Deze brochure is een uitgave van de Stichting Vrienden van het Westfries Museum, aflevering 48. Auteur is Lies Schram.

Gerechtsdienaar

De kennis van belangrijke majolicawerkplaatsen in West-Friesland is voor een belangrijk deel te danken aan archeologische vondsten. Van Thomas Jansz van Boonen is relatief veel bekend. Deze plateelbakker was in Enkhuizen niet van onbesproken gedrag en kwam dan ook vaak in aanraking met een gerechtsdienaar of notaris. Diverse aktes in het Westfries Archief geven daar blijk van.
Majolica is aardewerk dat is gemaakt van rood- of geelbakkende klei. Op de witte ondergrond komt de decoratie goed tot zijn recht. Italiaanse pottenbakkers brachten hun vakkennis vanaf het begin van de zestiende eeuw naar het noorden. Onder de vele migranten die vanaf eind zestiende eeuw naar ons land trokken, bevonden zich ook ambachtslieden.
Majolicabakkers werden in die tijd geleijers genoemd. Het woord geleijer is hoogstwaarschijnlijk afgeleid van gleisen, dat blinken en schitteren betekent. ‘Geleyman’ Jan Claesz woonde in 1611 in Hoorn aan de Gravenstraat. De aanduiding plateelbakker werd steeds meer in de zeventiende eeuw genoemd.

Handelscontacten

West-Friesland was al vroeg bekend met Zuid-Europese majolica, dankzij intensieve handelscontacten. Er is in onze regio veel Italiaans aardewerk gevonden. Schippers brachten bij terugkeer kostbaar serviesgoed mee. De majolicaproducten met hun vrolijke, lichte en kleurrijke decoraties waren geliefd. Dit luxe aardewerk was aanvankelijk alleen voor rijke mensen weggelegd.
Plateelbakkers vervaardigden later meer eenvoudige majolica voor een breed publiek. In West-Friese boerderijen werd de lege stal in de zomer opgevrolijkt met dit soort bordjes.
De klei die de bakkers in West-Friesland voor hun majolica gebruikten, was vet met weinig kalk. Om een beter resultaat te krijgen, werd deze klei gemengd met andere soorten. Een plateelbakker in Enkhuizen gebruikte in 1616 Engelse aarde. Dat haalde hij uit Delft. Klei halen uit de stadsgrachten was streng verboden.

Tulpen

Vlechtbandmotieven, vruchten, planten, bloemen, jagers, krijgers, scheepjes, tulpen, melkmeisjes, in de loop van de tijd veranderden de gekozen afbeeldingen. Allerlei soorten aardewerk uit de middeleeuwen zijn uit de Hoornse bodem tevoorschijn gekomen.
Hoorn kent een lange traditie van pottenbakkers, beschrijft Lies Schram in de brochure. Vooral het gebied tussen de zeedijk en de Nieuwendam was het werkterrein van veel pottenbakkers. Dat was geen wonder.
Brandgevaarlijke beroepsgroepen werden meestal alleen aan de rand van de steden toegestaan.

Klacht

Omstreeks 1610 zijn zeker vijftien pottenbakkers in Hoorn bekend. In Hoorn vervaardigde majolicategels zijn te vinden in onder meer het Sint Pietershof aan het Dal en het in 1624 gebouwde huis Binnenluiendijk 3. Plateelbakker Jan Lourensz. de Vogel had zijn werkplaats tegen het Sint Pietershof.
Zijn collega Thomas Jansz van Boonen uit Enkhuizen was een lastig en eigenwijs mannetje. Hij lag geregeld met anderen overhoop. Albert Jacobsz uit Hoogkarspel diende in 1620 een klacht tegen hem in. De Hoogkarspeler had 400 tegels gekocht waarvan het glazuur was afgevallen. Op de expositie in het Westfries Museum is ook aardewerk te zien dat elders is gevonden.

 


Hé, is dat Westfries?

832. Dat ambtenaartje is zo'n hennemelker (napluizer, muggenzifter).

Klik hier voor meer Westfriese woorden en uitdrukkingen.


© 1924-2020 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap - Privacyverklaring

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.