Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon Monumentale Kerken

Projector Reiscommissie Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families Westfriese Molens

Facebook

Archivering » Thema's » Omringdijk

Tijdlijn Omringdijk

Auteur: J.C. Hooftman.

Periode tot 800

Bodemgesteldheid
Het toekomstige West-Friesland maakt deel uit van het Hollandse kustgebied. Dit bestaat uit een strand/waddengebied. In het binnenland zijn zoete en brakke plassen ontstaan. In kreken en slenken heeft zich op deze ondergrond een metersdik laagveendek gevormd en vormt zich nog steeds. Het overtollige regenwater wordt op natuurlijke wijze naar zee afgevoerd. De belangrijkste veenrivieren zijn Medemelacha, Rekere, Beemster, Leek, Dregt en Lange Rijs. Er is veel riet, laag hakhout en wilgenbos. Er is veel klein en rood wild en van tijd tot tijd heeft men last van oeros, beer en wolf.

De zee
De zee aan de kust van West-Friesland heeft een eb en vloedbeweging zoals die er nu ook nog is. Het niveau stijgt nog altijd als gevolg van smeltend ijs in de poolgebieden en in de bergen. Bij springtij en storm worden, daar waar het veendek aan zee is komen te liggen, delen weggeslagen.

Bevolking
Het gebied is reeds lang bevolkt. Op de wat hoger gelegen gebieden hebben zich woongemeenschappen gevormd. De bevolking houdt zich bezig met landbouw, veeteelt en visserij. Voor de keuken wordt nog regelmatig gejaagd en gestroopt. Er zijn wat ambachtslieden als smid en pottenbakker, maar de handel is nog voornamelijk ruilhandel. Men heeft kennis gemaakt met de Romeinse beschaving en leeft nu onder de Franken. Er bestaan nog veel oude Friese gewoontes en tradities. De kerstening is nog in volle gang.

Maatschappelijke ontwikkeling
In West-Friesland werd Frankisch gezag niet uitgeoefend. De mensen zochten bescherming bij elkaar in buurschappen, waar naar Friese gewoonte en traditie de orde werd bewaard en werd rechtgesproken op dingdagen.

Toestand bij hoog en laag water
Toestand bij hoog en laag water

Periode 800 - 1200

Bodemgesteldheid
Zoals elders wordt ook in West-Friesland begonnen met het in cultuur brengen van het laagveen. Aansluitend worden haaks op de natuurlijke afwateringswegen greppels en sloten gegraven. De “laagveen spons” begint langzaam leeg te lopen door natuurlijk verval. De bodem begint in te klinken, terwijl de zeespiegel nog steeds stijgt.

De zee
Bij slecht weer en springvloeden komt de zee zo hoog, dat op sommige plekken het in cultuur gebrachte gebied wordt bedreigd. Op die plaatsen wordt op een flink stuk van de vloedlijn af een dijkje opgeworpen om het water tegen te houden. Op die plaatsen, waar de natuurlijke afwatering in zee plaats vindt, ziet men bij vloed het water ook steeds verder het land binnen dringen. Als het water zo hoog dreigt te stijgen, dat het in de afwateringsplaatsen achter het opgeworpen dijkje dreigt te komen, moet worden ingegrepen. Bij vloed moet de rivier tijdelijk worden afgedamd. Men doet dat met behulp van tussen palen geklemde houten planken. Het begin van een stuwdam en sluis. Het water kruipt bij hoogwater tegen deze dam omhoog en bij afnemend tij kan geloosd worden door de bovenste plank(en) te verwijderen. Het overtollige water loopt nu over een houten drempel in zee. Dat blijkt nog voordelen te bieden. Het waterniveau in de afwatering is nu regelbaar. Door niet al het water te lozen, kan men nu met een bootje goederen vervoeren van en naar huis en land. Door landinwaarts meer van deze houten stuwen te bouwen, ontstaan regelbare spaarbekkens, waar vis kan worden bewaard en eenden en ganzen worden gehouden. Het is niet ondenkbaar, dat zo’n houten stuw een weer (in ’t engels weir) genoemd werd.

Bevolking
In deze periode neemt de bevolking flink toe. De eerste kerken worden gebouwd en in Egmond verrijst een klooster, dat weldra zal uitgroeien tot een abdij, waar de eerste historische gebeurtenissen aan het perkament zullen worden toevertrouwd.

Maatschappelijke ontwikkeling
West-Friesland krijgt te maken met de graven van Holland. Deze leenmannen hebben van hun leenheer delen van Holland, waaronder West-Friesland, gekregen en/of geleend. Voorlopig is West-Friesland achter de grote meren Beemster, Schermer en Heerhugowaard nog steeds zeer moeilijk te bereiken. De graaf heeft dan ook nog geen kans gezien er zijn gezag te vestigen.

Het begin van de omringdijk
Het begin van de omringdijk

Dijkconstructie
Een aarden dijk is opgebouwd uit grond en grasplaggen uit het voorland.

Periode 1200 - 1400

Bodemgesteldheid
De aarden dijk blijkt slecht bestand te zijn tegen aanvallen van het zeewater. Ze spoelden eenvoudig weg.

De zee
De zeespiegel blijft stijgen en het veen klinkt steeds verder in. De dijk wordt steeds hoger en komt direct met het zeewater in aanraking en heet dan “schaardijk”. Het talud aan de zeezijde wordt onder invloed van het zeewater steeds steiler en doet de verhoging teniet. Men had opgemerkt, dat drijvend zeegras vÓÓr het steil afgeslagen buitentalud de golfslag bij gewoon hoog water veerkrachtig opving en zo de beschadiging beperkte. Het wier bleek de merkwaardige eigenschap te bezitten, mits hoog opgestapeld, door zijn eigen gewicht en een gelijktijdig plaatsvindend broeiproces een samenhangende gelaagde schilferachtige massa op te leveren, die moeilijk met de schop kon worden afgestoken en door de in de planten aanwezige zouten voor bederf gevrijwaard bleef. Deze massa bood lange tijd veerkrachtig weerstand aan de golven.

In deze tijd worden de stuwschotten vervangen door sluisdeuren. Een slimmerd bedacht, dat wanneer het stuwschot vervangen werd door twee scharnierende deuren, tezamen iets breder dan de breedte van het uitlaatkanaal, de vloed deze deuren dicht zou duwen, terwijl bij eb het opgestuwde veenwater aan de binnen zijde ze weer open duwt. Een zelfregulerende uitlaat!

Door stormen wordt veel land weggeslagen en het Flie wordt Almere.

Bevolking en maatschappelijke ontwikkeling
In deze periode raken de Westfriezen hun vrijheid en onafhankelijkheid definitief kwijt. Geholpen door de weersomstandigheden en informatie op militair gebied, weten de Hollanders en Zeeuwen onder leiding van de graaf van Holland de Westfriezen definitief te onderwerpen. Wat onder Floris V nog langs de weg der geleidelijkheid wordt doorgevoerd, wordt na diens dood door Wolfert van Borselen met harde hand middels de genocide van Vronen afgedwongen, als sluitstuk van de schermutselingen in de 13e eeuw. De graven van het Hollandse Huis zijn uitgestorven en Holland wordt nu geregeerd door Henegouwers. Dan volgt aan het begin van de 14e eeuw een tijd van inventarisatie en inpassing van Westfriesland in het feodale stelsel.Daar maakt de omringdijk deel van uit! Er wordt een organisatie van heemraden met dijkgraven in het leven geroepen en het dijkonderhoud wordt georganiseerd middels verstoeling, het evenredig verdelen van het onderhoud onder de ingelanden. Ook de samenleving gaat op de schop. Oude Friese gewoonten en tradities worden ingepast in het feodale stelsel. Westfriesland krijgt te maken met ambtenarij en corruptie. De rechtspraak wordt veranderd en vindt door middel van een baljuwschap aansluiting bij de rest van Holland.

De eerste wierdijk
De eerste wierdijk

Dijkconstructie
Gezien het hiervoor gestelde, wordt de aarddijk vervangen door een “slikkerdijk”. Vanaf het wad, vooral rond Wieringen gaat men zeegras oogsten. Dit wordt op de aarddijk gestapeld met het blad aan de zeezijde.

Periode 1400 - 1600

Bodemgesteldheid
Het pakket zeegras of wier werd steeds dikker en werd “wierriem” genoemd. Deze wierriem kreeg een aanzienlijke breedte en hoogte. Een dikte van 2,5 tot 5 m. op de kruin en een hoogte van 5 6 m. boven hoogwater schijnt normaal geweest te zijn. Deze toepassing vindt men in Drechterland en de Vier Noorder Koggen omdat het wier daar in voldoende mate aanwezig was. De wierdijk was een goede dijk met een lange levensduur. Het bezwaar was, dat als de wierdijk van de aarddijk losscheurde, hij dan door zijn samenhang over wel enkele honderden meters voorover in zee stortte, zonder dat men dit kon stoppen. Ook was deze dijk gevoelig voor ijs. Om dat te ondervangen, wordt de wierdijk aan de zeezijde voorzien van een muur opgebouwd uit houten palen, Deze muur voorkwam het voorover vallen van de wierriem.

De zee
De nog immer dalende bodem en stijgende zeespiegel zorgen weer voor afwateringsproblemen. De zeewaterspiegel komt bij eb niet laag genoeg om een natuurlijke afwatering te waarborgen. Het water moet worden uitgeslagen. Gelukkig wordt rond deze tijd de standaard watermolen uitgevonden. Het voorland buiten de dijk ligt bijna overal onder water. Dit is de periode van de grote stormen. Het Almere wordt Zuiderzee en de grote zeegaten ontstaan. Er komen ook nogal wat dijkdoorbraken voor. Mensen en dieren verliezen het leven en er gaat veel land verloren. De gaten in de dijk kunnen nog niet altijd direct worden gedicht.

Bevolking en maatschappelijke ontwikkeling
De graven van het Beierse Huis zijn nu aan de macht gekomen. De vijftiende eeuw is de tijd, dat veel plaatsen in West-Friesland stederecht krijgen. We zitten midden in de Hoekse en Kabeljauwse twisten.Een burgeroorlog, die het land en de mensen verdeelde. De steden krijgen meer macht ook bij het dijkonderhoud als heemraden. Het laatste woord had evenwel de graaf. In de 16e eeuw als de graven van het Bourgondische Huis het voor het zeggen wordt dijkonderhoud gecentraliseerd. Aan het corrupte verpachten van dijkgraafschappen wordt een eind gemaakt. Er wordt een begin gemaakt de kleinere meren droog te leggen.

De wierdijk
De wierdijk

Dijkconstructie
De dijk is een wierdijk geworden met een palen beschoeiing ter ondersteuning van de riem. De watermolen doet zijn intrede.

Periode 1600 - 1800

Bodemgesteldheid.
Het veen is grotendeels verdwenen. Hier en daar wordt nog wat turf gestoken. Naast veeteelt is er nu ook landbouw en ten slotte ook tuinbouw.

De zee
Het is in 1675, dat bij Schardam de dijk het begeeft. Het is de laatste maal, dat West-Friesland overstroomd wordt. Hoewel in de eeuw die volgt, de paalworm zijn verwoestend werk zal doen, blijven overstromingen uit mede door het gelukkige feit, dat er zich in die jaren geen grote  stormen voordeden. De oplossing wordt gevonden in de toepassing van grote keien aan de voet en de glooiing aan de zeezijde te bekleden met basalt keien. Enige spuisluizen worden omgebouwd tot schutsluizen, waardoor schepen de dijk kunnen passeren.

Bevolking en maatschappelijke ontwikkeling
De 80 jarige oorlog is in volle gang. De Gouden Eeuw is aangebroken. De weg naar Indië is nog maar net verkend en de V.O.C. is opgericht. Door kapitaalvlucht uit de zuidelijke Nederlanden naar het noorden kunnen grote activiteiten worden gefinancierd. Onder meer door de handel in specerijen wordt Nederland welvarend. De grote meren worden drooggemaakt en een groot deel van de omringdijk is niet langer waterkerend. Op 4 juni 1650 komt er een einde aan het Groot Proces. De omringdijk wordt gemeen. Dat betekende, dat in het vervolg het beheer en onderhoud door één instantie werd geregeld en dat de kosten werden gedeeld door alle ingelanden op basis van landbezit binnen de omringdijk.

Engeland begint aan de bouw van zijn imperium. Ons wordt de macht op zee betwist en de oorlogen met Engeland beginnen. Aan het einde van de 18e eeuw start ook nog de Franse revolutie. Ons land wordt uiteindelijk een deel van Frankrijk. De handel en aanvoer van specerijen komt tot stilstand.

De omringdijk met keien voet en glooiing
De omringdijk met keien voet en glooiing

Dijkconstructie
De dijk wordt breder en hoger en de voet wordt beschermd door keien met een met basalt beklede glooiing.

Periode 1800 – heden

Bodemgesteldheid
De stoommachine wordt uitgevonden. Het stoomgemaal vervangt de molens. Met de introductie van elektrische energie moet ook het stoomgemaal uiteindelijk het veld ruimen. Vrijkomende warmte zal tuinbouw in kassen mogelijk maken, waardoor de diversiteit aan producten toeneemt. West-Friesland gaat naam maken met bollenteelt en het kweken van bloemen.

De zee
Het nog steeds stijgende zeewater dwingt ons alert te zijn op dijkbewaking en onderhoud. Voor de Zuiderzee wordt een afsluitingsplan gemaakt door Ir. C Lely. In de dertiger jaren van de 20ste eeuw wordt de Afsluitdijk aangelegd en wordt de Zuiderzee, IJsselmeer. De omringdijk keert niet langer zout water. Er komt een plan het IJsselmeer in te polderen. De Wieringermeer wordt drooggelegd. Na de tweede wereldoorlog volgen de N.O.polder, de oostelijke en de zuidelijke Flevopolder. Nog is West-Friesland niet veilig. Dat blijkt nog weer eens in de februari storm van 1953. Er komt een deltaplan, waarin veilige dijkhoogte wordt vastgesteld aan de hand van een maximaal te verwachten zeespiegel; de deltahoogte. Voor de omringdijk betekent dat, dat ook deze op deltahoogte moet worden aangepast en blijven. De Noorddijk tussen Medemblik en Enkhuizen is zojuist op hoogte gebracht en er is een fietspad op aangelegd. Nu volgt de reconstructie van de Zuiderdijk tussen Enkhuizen en Hoorn. Dit is de stand tot heden 1 mei 2005.

Bevolking
Na de Franse overheersing blijft het land berooid achter. Ons land valt uiteen in twee stukken, België en Nederland. De stoommachine vraagt om brandstof. Er ontwikkelt zich mijnbouw. De stoommachine maakt het mogelijk op grote schaal machines in industriecomplexen aan te drijven. De industriële revolutie neemt een aanvang en zorgt voor veel sociale onrust. Kinderarbeid wordt afgeschaft en de 40-urige werkweek doet zijn intrede. Er breekt een wereldoorlog uit waaraan ons land zich weet te onttrekken en een tweede wereldoorlog waar wij ons deel aan de ellende krijgen te dragen. Na 1945 moet ons land grotendeels weer worden opgebouwd. Er is behoefte aan alles. Vooral de behoefte aan woonruimte is jarenlang een politiek gevoelig onderwerp. Langzamerhand neemt de welvaart toe, vooral als gevolg van vrede in ons werelddeel. Wij leren Europees te denken, een verenigd Europa ligt in het verschiet, hoewel het nog jaren zal duren, voor wij in Europa bereid zullen zijn elkaar te accepteren.

De omringdijk zonder molens maar met een basaltglooiing
De omringdijk zonder molens maar met een basaltglooiing

Dijkconstructie
De dijk is nog hoger en breder. De glooiing heeft aan de zeezijde gedeeltelijk een basaltbekleding.

Wijdenes, 28 juni 2005.
J.C. Hooftman.

 


Hé, is dat Westfries?

267. Skaibutter, 'scheiboter' werd gemaakt als de koeien pas in de wei liepen, dus direct na 't 'scheiden' van de stal.

Klik hier voor meer Westfriese woorden en uitdrukkingen.


© 1924-2020 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap - Privacyverklaring

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.