Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon Monumentale Kerken

Projector Reiscommissie Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families Westfriese Molens

Facebook

Archivering » Boeken » Verdwenen water, gewonnen melk » Pagina 88-91

Bloedlijnen (2/7)

De volgende schakel, Frans 23, dankte zijn ontstaan dus mede aan de Dora-familie, terwijl zijn moedersmoeder tweemaal Christina-bloed kreeg toegevoegd. Deze Frans werd bij herhaling nummer één op de centrale stierenkeuring te Alkmaar geplaatst en verhuisde in 1906 naar Libau in de Oostzeeprovincie Koerland.

Grote stieren hebben gelijk grote mannen veelal opvallende moeders. Als zodanig hebben we op het oog Dora 27, die niet alleen haar stam vrouwelijk zou doorzetten, maar in elk geval blijvend invloed heeft gekregen door haar slechts drie jaar oud geworden zoon Frans 41, aan wie naderhand de hoogste stierenroem ten deel viel: het preferentschap in de eerste klasse van het N.R.S. Men bekijke zijn foto om te concluderen, dat hij ook in zijn exterieur zijn tijd ver vooruit was.

Frans 41, 466 NRS, preferent eerste klasse. Frans 41, 466 NRS, preferent eerste klasse. Deze op 15 februari 1908 geboren stier (als zoon van Frans 23 uit Dora 27) was èn qua eigen exterieur èn qua nafok een hoogtepunt in de Frans-stam.

Hoe kwam het, dat de 'kroonprins' van Frans 41 geen Groenhovenstier geworden is? Verreweg de meeste Frans 41-zonen vonden hun weg naar fokkers in Noord-Holland en daarbuiten. Zo werden er in 1912 drie verkocht aan de fokvereniging te Kampereiland. Deze transacties staan vermeld in het tussen 1880 en 1915 minitieus bijgehouden geboorteregister, dat de gehele levensloop van alle in die periode op Groenhoven geboren dieren weergeeft.

Twee zonen van Frans 41 uit diens tweede jaargang mochten in hun geboortestal dekken: Frans 62 (uit Christina 43: zelf een dochter van Frans 12), die als 1½-jarige naar Rusland werd uitgevoerd en Frans 63 (uit Christina 42: ook verwekt door Frans 12), die, vóórdat hij 14 maanden oud was geworden, naar de Gouvernementsboerderij in Zuid-Afrika vertrok. Frans 62 gaf met Christina 42 Frans 76, wiens naam blijvend aan de Frans-stam verbonden zou raken door zijn dochter Christina 84.

In het jaar, voordat Dora 64 geboren werd, was Frans 41 met zijn eigen moeder gepaard, doch het daaruit in juli 1910 geboren vaarskalf werd nuchter verkocht.

Een andere zoon van Frans 41 was Frans 57, die als eigendom van de stierenvereniging Wieringerwaard Frans Adolf zou verwekken, wiens veelbelovende dochters zouden verdrinken bij de overstromingsramp in de Anna Paulownapolder in 1916, doch wiens zoon Frans Adolf 5 (geboren uit de Frans 41-dochter Christina 64) aanvankelijk een mannelijke stam leek te grondvesten.
Terug naar ons schema en naar Max, welke bij K. Blaauboer te Schagen geboren stier later naar Zuid-Afrika werd uitgevoerd en nog later evenals zijn vader preferent 1e klasse werd verklaard. Een van de bekendste stallen in Zuid-Afrika, 'Doornhoek' van gebr. Michau te Cradock, telt Max onder zijn grondvesters.

De betekenis van Max èn voor de Frans-stam èn voor de Dora-familie komt nog eens versterkt tot uiting, wanneer men weet, dat Constantijn Frans, geboren bij W. Kool, thans te Noord-Beemster (Cruysoord) hem niet minder dan zesmaal in zijn afstamming telt.

Intussen vloeide via de moeder van Max nieuw bloed tot de Frans-stam toe en dat gebeurde nog eens via de moeder van Max 10, eveneens een Blaauboerfokprodukt. Daarna werd echter de volgende schakel, Jonge Max (naderhand preferent 2e klasse geworden) geboren bij Jb. Kaan te Wieringerwaard (destijds ondervoorzitter van het N.R.S.) uit een kleindochter van Frans 27.

Geven we diens pedigree als intermezzo èn ter illustratie van de nauwe inteelt, die op Groenhoven werd toegepast.

( Frans 12 — Frans 2
{ Frans 17
{ ( Dora 24 — Frans
{
{ ( Frans 12 — Frans 2
{ Dora 31
( Dora 19 — Ruiterszoon 10

Na Jonge Max ontving de Frans-stam voor het eerst Fries bloed via de moeder van Max Albert, welke stier onder zijn voorvaderen de zeer bekende, in 1902 geboren Albert 1306 H preferent A telde. Reeds eerder was aan deze Friese stamvader een rechtstreekse kans geboden, zonder dat dit evenwel tot blijvende resultaten voerde. Evenmin slaagde de poging, om het bloed van de dubbele Albert-kleinzoon Ceres preferent A te introduceren, hoe veelbelovend diens op Groenhoven uit Christina 30 geboren zoon zich aanvankelijk ook liet aanzien. Hij bleek echter onvruchtbaar te zijn.

Toen Engelse fokkers, onder wie de heer en mevrouw Strutt van de zo bijzonder invloedrijk geworden stal Terling en Lavenham, zich in 1912 in Friesland oriënteerden, legden zij een sterke voorkeur aan de dag voor het bloed van Ceres, dat heden ten dage in Engeland nog mee toonaangevend is. Die voorkeur nu werd gedeeld door F. A. F. Groneman, hetgeen zojuist al tot uiting kwam, maar verder nog wordt geïllustreerd door brieven van de firma Schaap te Deersum, die als fokker van Ceres te boek staat.

Die brieven werden in november 1915 geschreven door de in 1966 overleden R. H. Schaap en kwamen er op neer, dat vooral Gronemans belangstelling voor Ceres werd gewaardeerd, maar dat men geen jonge Ceressen meer wilde verkopen, 'behalve natuurlijk een enkele die we wel zouden kunnen missen en dan tegen een hoge prijs. Ik ken Uw smaak echter zoo goed, dat ik vooruit wel weet, dat U die niet zoudt kopen'...
Dit speelde zich dus af kort voor de fatale overstroming in januari 1916. Komen we nog even terug bij de moeder van Max Albert: Gusta 6, welke aangekochte Friese koe behalve het bloed van Albert ook dat van de stieren Zeppelin en Adema 24, beide uit stal-Knol te Hartwerd, voerde.
De volgende stamhouder, Max Albert 2, was echter weer uitermate stevig geënt op het oude bloed. We ontmoetten zijn moeder Christina 84 reeds en zij had de volgende afstamming:

{ Frans 12
{ Frans 62 { { Frans 12
{ { Chr. 43 {
{ { Chr. 28
{ Frans 76 {          ↑
{ {    Frans
{ { { Frans 12          ↓
{ { Chr. 42 { { Frans 2
{ { Chr. 32 {
{ { Chr. 28
{
{ { Frans 23
{ { { Frans 12
{ Christina 53 { { Frans 19 {
{ { { Cornelia 18
{ Chr. 40 {          ↓
{ { Frans 2
{ Chr. 30 {
{ Chr. 12

Welgeteld komt de oude Frans dus 12 maal achter Christina 84 voor. Maar ook de moeder van Frans 2, Cornelia 18, niet minder dan 11 maal. Voorts is opvallend, hoe innig het bloed van de Christina's en de Dora's hier vermengd is.

 


Hé, is dat Westfries?

666. Toen buurvrouw hoorde, dat ze 'n prijsje had gewonnen in de staatsloterij, was ze helemaal onthikt (opgetogen, zichtbaar blij).

Klik hier voor meer Westfriese woorden en uitdrukkingen.


© 1924-2020 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap - Privacyverklaring

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.