Geschiedenis van West-Friesland in vogelvlucht
Deel III: West-Friesland en het platteland
2. De Westfriese Omringdijk bij St. Maarten. (ook wel Westfriese Zeedijk genoemd)

Klik hier voor een grotere afbeelding.
Zo rond 1100 was West-Friesland al redelijk bewoond. Men begon nu serieus met het ontwateren van het land:
door het graven van sloten en greppels werd de veengrond ontwaterd en steeds geschikter gemaakt voor akkerbouw.
De allereerste dijken werden niet tegen het zeewater gebouwd. Daar waar de stukken veengrond door het graven van
sloten ontwaterd waren, zakte het veen in (inklinking). De niet-ontwaterde gedeelten lagen hoger en zo ontstond
het gevaar dat de nieuwe stukjes bouwland onder water kwamen te staan. Daarom bouwde men (vrij lage) dijkjes om
het akkerland heen. Daarnaast werd ook met de eerste zeedijken begonnen.
De grootste en belangrijkste hiervan is natuurlijk de Westfriese Omringdijk, die uiteindelijk om heel
West-Friesland heen werd gebouwd. Stukje voor stukje vormde zij uiteindelijk de begrenzing van wat we ook nu nog
West-Friesland noemen. Hoeveel inspanning van hoeveel mensen dit werk aan de dijk heeft gekost (en op sommige
plaatsen ook nu nog kost) is bijna niet voor te stellen. Hier zie je de dijk bij St. Maarten.
Nu ligt dit dorp midden in het land, maar vroeger lag het aan zee. Het is één van de plaatsen waar de oude dijk
nog het best bewaard is gebleven. Andere stukken van de dijk zijn alleen nog herkenbaar als je 't weet. De dijk,
126 km lang, is nu nergens meer een echte zeedijk, maar is een slaperdijk geworden.