Westfries Genootschap
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families De Westfriese Molens

 

Delen
:



RSS

Facebook

Westfries Genootschap » 't Vierkant » 2017 » Nummer 3 » Pagina 14-15

Westfries Biografisch Woordenboek (WBW)

In het Westfries Biografisch Woordenboek staan biografieën van personen die voor Westfriesland, lokaal of regionaal, veel betekend hebben. Heeft u in uw dorp of stad een persoon waarvan u meent dat deze in aanmerking komt voor het WBW, meldt u die dan, liefst per mail, aan bij het secretariaat van het Westfries Genootschap.
Alleen personen die zijn overleden komen in aanmerking.

Zuster Eleonore, de eerste Nederlandse vrouwelijke missiedokter

Lippits, Maria Eleonora (1907-1993).
Geboren te Hoorn op 21 november 1907. Overleden te Imstenrade, bij Heerlen, op 18 januari 1993. Nora, zoals ze werd genoemd, was de dochter van Jan Lippits, banketbakker, en Jeanette Beukers. De familie Lippits kwam rond 1720 vanuit Gelderland naar Hoorn. Enkele generaties hadden in Medemblik en Hoorn als beroep goud- en zilversmid. De bekende notaris Meinardus Lippits was in Hoorn werkzaam van 1834 tot 1876. Nora's oudoom Willem Lippits (1823-1897) was heel- en vroedmeester en apotheker en fungeerde tevens enige tijd als scheepsarts. Haar grootvader Meinardus Reinirus Lippits, gehuwd met Maria Eleonora Oostermeijer, begon rond 1850 in Hoorn een manufacturenzaak.
Haar vader, Jan Lippits, had een banketbakkerij op de Gedempte Turfhaven 32 in Hoorn. Daar bracht Nora Lippits haar jeugd door in een gezin van in totaal zeven kinderen, vijf jongens en twee meisjes. Haar broer Jan Lippits stond in Hoorn bekend als een goed onderwijzer en was in de jaren dertig voorzitter van de voetbalclub Always Forward.
Nadat haar vader in 1920 op 56-jarige leeftijd was overleden, besloot Nora in 1922 de opleiding tot onderwijzeres te volgen bij de zusters Ursulinen te Bergen (Noord-Holland). Nadat ze die met succes had afgerond stond ze voor de klas in Haarlem en Amsterdam. In die periode rijpte bij Nora het plan om zich te gaan wijden aan het medisch missiewerk.
Via de Memisa (Medische Missie Samenwerking), een internationale organisatie die met lokale organisaties samenwerkt aan de structurele verbetering van de gezondheidszorg in ontwikkelingslanden, kwam Nora Lippits in contact met de Oostenrijkse Angela Dengel. Zij was in 1920 als arts naar het toenmalige Brits-Indië, nu India en Pakistan, vertrokken om medische hulp te bieden en werd daar geconfronteerd met veel onnodig medisch leed bij vooral vrouwen en kinderen.
Als eenling kon Angela Dengel daar weinig hulp bieden. Dat leidde in 1925 in Philadelphia (VS) tot de oprichting van de Society of Catholic Medical Missionaries van de medische missiezusters. Maar in 1925 was de combinatie van religieus leven en de beoefening van een medisch beroep als levensvorm naar Vaticaanse begrippen nog niet mogelijk.
Dat veranderde uiteindelijk in 1936. Toen konden de medische missiezusters geprofest worden.
In 1930 vertrok Nora Lippits als 23-jarige naar Washington DC, sloot zich bij de Society aan en ging medicijnen studeren. In 1931 legde zij als zuster Eleonore haar gelofte af voor een religieus leven. Enige jaren later studeerde ze af als arts en in 1938 promoveerde zij als doctor in de medische wetenschappen. Zij dacht toen naar India te kunnen vertrekken om daar vooral die vrouwen te helpen die wegens hun religie niet door mannelijke artsen geholpen mochten worden. Het liep anders. Ze kreeg in 1939 van dr. Angela Dengel, intussen hoofd van de in 1936 door Rome erkende congregatie, de opdracht om in Nederland een afdeling van de Medische Missiezusters op te richten. Zo kwam er in Imstenrade een klooster van waaruit zr. dr. Eleonore Lippits twintig jaar lang werkte aan de uitbreiding van de Nederlandse afdeling. Deze beleefde een bloeiperiode en groeide uit tot een van de grootste van de congregatie.
Totdat in 1957 haar een nieuwe taak werd opgedragen. Zij werd de eerste assistente en de potentiële opvolger van Angela Dengel die toen reeds 66 jaar was. Nora Lippits zou die taak tien jaar vervullen. In deze nieuwe functie ondernam ze vele reizen naar alle plaatsen in de wereld waar medische zusters hun taak uitoefenden. Een geëmancipeerde vrouw. Ze luisterde, gaf raad en wist door haar tactisch optreden veel te bereiken.
‘Zij adviseerde, stimuleerde, controleerde, nam barrières weg, sprak met de hoogste autoriteiten. Dat alles met de grootste beminnelijkheid, maar evenzeer met doorzettingskracht en doelgerichtheid’, aldus de journalist Wim J.A. Lippits. Jaap Raat, verwant aan Nora Lippits (haar vader en zijn grootmoeder zijn broer en zus) zocht haar in 1992 in het toenmalige klooster Imsterade op. Zij vertelde interessante verhalen met vele hoogtepunten. Maar er waren, zo bleek, ook teleurstellingen, al in het eerste begin dat zij niet als medische missiezuster naar India kon worden uitgezonden. ‘Met de gelofte van gehoorzaamheid had ik het toen heel moeilijk’, zo besloot ze haar terugblik op die periode. Ook de nieuwe koers die de congregatie in de jaren zestig ging volgen, strookte niet met haar opvattingen. Een moeilijke periode. Maar dankbaarheid voor wat ze voor de Society en daardoor voor mensen in nood heeft kunnen bewerkstelligen, voerde toch de boventoon. Dat was in dit aangename gesprek wel duidelijk.
Een half jaar later overleed ze. Ze werd 85 jaar. ‘Een grote boom was gevallen’.

Publicaties:
‘Medische Wetenschap in dienst der Missie’ in de serie Geneeskunde, Verpleging en Missie van het Geert Grote Genootschap te ‘s-Hertogenbosch, 1936.
Literatuur:
Wim J. A. Lippits, ‘Bij de dood van Eleonore Lippits, een grote boom is gevallen’, in Oud Hoorn, kwartaalblad, jg. 1993, nr. 1.

Gegevens aangeleverd en bewerkt door Jaap Raat te Heiloo (2012).

 


© 1924-2018 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.