Westfries Genootschap » Nieuws » 2011
Tuinbouw en zaadteelt: de roem van West-Friesland
Op vrijdagmiddag 16 december werd het derde deel van de Westfriese Historische Reeks getiteld
‘Tuinbouw en zaadteelt in oostelijk West-Friesland, 1880-1930’ gepresenteerd. Dit boek is
het laatste van de drie delen over de agrarische geschiedenis van dit gebied. De eerste delen beschrijven
de bollenteelt en de veehouderij. De presentatie vond plaats in, hoe kan het ook anders, het museum
Saet & Cruyt in Andijk.
‘Tuinbouw en zaadteelt’ werd samengesteld door Martien Hoogland en Nanne Groot, twee
gerenommeerde schrijvers over de West-Friese geschiedenis.
De heer P. de Vries, voorzitter van de stichting Saet & Cruyt opent
de bijeenkomst.
De presentatie werd geopend door de heer P. de Vries, voorzitter van de stichting museum Saet & Cruyt.
Hij schetste het ontstaan en de ontwikkeling van het museum en ging in op de gevarieerde collectie.
Vervolgens heette genootschapsvoorzitter Ina Broekhuizen allen welkom. Ze stond stil bij de passende
locatie in Andijk met de volgende woorden:
‘Wij hoefden niet lang na te denken over een geschikte plaats voor deze bijeenkomst. Tussen kruiden
en zaden, tussen gereedschap en een veldersboet, tussen graafies en blauwe jassies. Daartussen past een
nieuw boek over de tuinbouw en de zaadteelt in oostelijk West-Friesland het beste.
Het Westfries Genootschap heeft trouwens een speciale band met deze locatie. In 1983 werd de Westfrieslandprijs
uitgereikt aan het Poldermuseum, in 1987 kreeg de Vereniging Vrienden van Oud Andijk de Auroraprijs
overhandigd, met name voor het verwezenlijken van een boerenkamer, overgenomen van de Anna hoeve uit
Venhuizen en in het voorjaar van 2011 mocht ik de Auroraprijs geven aan de stichting Saet & Cruyt.
Auteur Martien Hoogland vertelt met verve over de verhalen die hij optekende
uit de mond van tuinders.
En tijdens onze Westfriezendag ging één excursie naar dit unieke museum. Het enige in
Nederland dat geheel gericht is op de polder Het Grootslag en op de tuinbouw en de zaadteelt in dit
gebied.’
Hierna ging ze kort in op de betekenis van de tuinbouw en de zaadteelt voor oostelijk West-Friesland.
‘Een gebied dat van oudsher bekend is als kraamkamer van agrarische producten: bloemkool uit de
Streek, Opperdoezer Ronden, Andijker Muizen en bloembollen uit Bovenkarspel.
In deze regio werkten mensen die inspeelden op veranderingen, die zochten naar vernieuwing, naar methoden
waarmee ze van teelt wisselden.
In de tuinbouw en de zaadteelt en zaadhandel verwierf West-Friesland een unieke positie in de wereld.
Die roem van deze regio heeft een lang verleden. Het derde deel van de Agrarische Geschiedenis van
oostelijk West-Friesland gaat over de opkomst en bloei van deze sectoren.
Auteur Nanne Groot gaat in op de opkomst en de groei van de zaadbedrijven
in Andijk en Enkhuizen.
Onlangs trof ik in de krant dit bericht aan. De kop luidt ‘Nederland grootste groenteboer ter
wereld’. Enkele cijfers: vorig jaar exporteerde ons land 4,6 miljard kilo verse groenten voor
een bedrag van 4,2 miljard euro. Nederland is daarmee voor de vierde keer achtereen de grootste
exporteur ter wereld.
Wat een cijfers! Wat een omzet en een schaalvergroting.
En hoe groot is het contrast met de nijvere werkers uit de periode 1880-1930. Grote gezinnen, vele
handen, vroeg op, lange dagen, in de zomer alle hens aan dek, in de winter thuis zitten, bonen zoeken,
gebogen ruggen, kruipersbroek, klompen, eigen land, rijkdom en armoe. U zult erover lezen in dit unieke
boek over strijdbare en wilskrachtige West-Friezen.’
Zij feliciteerde de schrijvers en de leden van de werkgroep agrarische geschiedenis, Gre Bakker-Bruin,
Aaf Korver-Waiboer, Koos Groot, Jan Peereboom en aanjager Jaap Raat, met deze fraaie uitgave.
Ze eindigde met misschien wel het bekendste West-Friese gedicht over een bouwer uit de hele streek.
Het werd geschreven door Cor Koeman uit Wijdenes, professor, doctor, ingenieur, maar bovenal West-Friese
tuinderszoon.
Ina Broekhuizen met het eerste
exemplaar van het nieuwe boek.Allien
M'n vader is een bouwer
Z'n bouw loit boi de doik
Ik zien 'm heêl veer skrape
As ik 't veld in koik.
M'n vader het een skuitje
Dat bringt 'm nei de bouw
Hoi moet den alles kloete
Dat is een hêle sjouw.
In 't veld deer staat een boetje
Heêl op 't achterstik
't skot dat is van planke
't dak is van oud blik.
Deer zien je haast gien minse
Deer is gien naaste buur
M'n vader is alliendig
Allien mit de netuur.
Overhandiging
aan Siem Appel van de LTO West-Friesland.
Daarna was het woord aan de beide schrijvers. Martien Hoogland vertelde over een aantal aspecten
die aan de orde komen in zijn deel van het boek. Ook verhaalde hij over de oudere mensen die hem
vertelden over hun werk in de tuinbouw en bij de afzet van de producten. Nanne Groot ging in op de
ontwikkeling van de zaadteelt vanaf het begin van de 19e eeuw en de opkomst en groei van de zaadbedrijven
in Andijk en Enkhuizen.
Na deze inleidingen overhandigde Ina Broekhuizen het eerste exemplaar van ‘Tuinbouw en zaadteelt’
aan de heer Siem Appel uit Benningbroek, bestuurslid van de LTO West-Friesland met als specialiteit
vollegrondsgroenteteelt en flora en fauna. De heer Appel toonde zich verheugd met het vastleggen van
de geschiedenis van ‘zijn’ bedrijfstak.
Aan de werkgroepleden en de auteurs werd vervolgens een glas met opschrift overhandigd als dank voor
hun inzet voor het project.
Na afloop van de presentatie was er gelegenheid het museum te bekijken.
‘Tuinbouw en zaadteelt’ telt 192 pagina's en is verkrijgbaar
bij het genootschap en bij de boekhandel.
Auteurs: Martien Hoogland en Nanne Groot.
Een uitgave van W Books i.s.m. het Westfries Genootschap.
ISBN 978 90 400 7835 4, prijs € 19.50.
Foto's: Theo Mes

Alle werkers aan het agrarisch project ‘op de kiek’.
Staand v.l.n.r.: Kees van der Wiel, Martien Hoogland, Jan Peereboom, Koos Groot, Han Hefting (hij
vertegenwoordigt zijn echtgenote Katja Bossaers), Maarten Timmer en Nanne Groot.
Zittend: Gré Bakker-Bruijn, Jaap Raat (met glas) en Aaf Korver-Waaiboer.