Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families De Westfriese Molens

 

Delen
:



RSS

Facebook

Archivering » West-Friesland toen en nu » Deel 11. Sporen in het landschap » pagina 4-7

11.1 Tolkerdijk bij Schagen

Waterkering van de Witsmeer

Het is nauwelijks groot genoeg om een buurtschap genoemd te worden, maar de bewoners van de vijftien huizen langs de Tolkerdijk – gelegen ten zuiden van Schagen – zullen zeker zeggen dat ze ‘op Tolke’ wonen. Op de oudste kaarten staat Tolke prominent aangegeven. De plaats moet dus wel belangrijk zijn geweest.


Detail van de kaart van Noord Holland door Joost Jansz (Bilhamer of Beeldhamer) uit 1575, gemaakt in opdracht van de Spaanse koning Philips II. Het is goed te zien hoe eenmaal op de Witsmeer scheepjes Schagen alleen via Tolke konden bereiken. In 1639 heette de plaats nog Scagher Tolhekke, daar er tol werd geheven door en voor Schagen. (Noord-Hollands Archief)

De vier kilometer lange Tolkerdijk begint op de kruising met de Valkkogerdijk/Oudedijk bij Valkkoog en eindigt op de kruising met de Provincialeweg N241. De dijk wordt doorsneden door de N245 Alkmaar-Schagen en de spoorlijn tussen die twee steden. De oorspronkelijke buurtschap Tolke ligt tussen die N245 en de spoorlijn.

Witsmeer

In de 13de eeuw deed de Tolkerdijk al dienst als een waterkering, bedoeld om de golven uit de Witsmeer tegen te houden. Dat was ooit een breed water, door stormen in de 12de en 13de eeuw uitgegroeid tot een reusachtig binnenmeer.
Als er geen dijk tussen Schagen en Sint Maarten zou hebben gelegen, dan had het zeewater uit de Zijpe zo kunnen doorstromen naar de Heerhugowaard. Met als gevolg dat West-Friesland daardoor wellicht een eiland was geworden. In die periode, met overal water, waren schepen het vervoermiddel bij uitstek. Schagen was als centrumplaats al vanaf 1450 van groot belang; er voeren heel wat schepen tussen Alkmaar en Schagen. Deze route liep door de Witsmeer en kwam uit bij een brede vaart die via een paar bochten in Schagen eindigde.
Zoals de gewoonte was, werden de schuiten ‘overgehaald’, dat wil zeggen, met man en macht over een houten helling getrokken naar de andere kant van de dijk. Overzetten was zwaar werk en dat moest natuurlijk betaald worden: de ‘tol’. Later werd daar een sluis gebouwd, maar de tol bleef. Deze plek werd de ‘Scagher Tolhekke’ genoemd, allengs ingekort en verbasterd tot ‘Tolke’.
Toen in 1639 de Witsmeer werd drooggemaakt, hield men rekening met de florerende beurtschipperij tussen Alkmaar en Schagen. Er werd een brede vaart, de ‘Scaghervaert’, door de polder aangelegd. Bij de zuidelijke ringdijk lag de zogenoemde ‘Schager Verlaat’, een sluis waar schepen konden worden geschut. Zo telde de vaartocht vele hindernissen en even zoveel punten waar tol betaald moest worden.

Tolkervaart

In de richting van Schagen voeren de schepen vanaf Tolke eerst door de Tolkervaart en vervolgens door de Tjallewaldervaart. Bij de Menisweg gingen ze rechtsaf naar de Loet en de Bierkade in Schagen, waar de schepen afmeerden. Die Bierkade dankt zijn naam aan een voormalig nonnenklooster op de hoek van de Laan en de Gedempte Gracht. Bier en monniken gaan zoals bekend goed samen, maar in Schagen waren er in de 15de eeuw al geëmancipeerde nonnen die de kost verdienden met het brouwen van gerstenat.
Wie gedacht had de tol te omzeilen door Schagen via een andere kant binnen te varen, kwam bedrogen uit. Op het Noord, op de hoek van de Nes, was namelijk eveneens een tolhek. De woning, die bij die tol hoorde, staat er nog steeds. De naam is voorspelbaar: Het Tolhuis.

 


© 1924-2017 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.