Archivering » Thema's » Harenkarspel
Harenkarspel: Historie
Hoe is de naam van de gemeente Harenkarspel ontstaan?
Hieronder vindt u daar uitleg over.
De naam is opgebouwd uit twee zelfstandige begrippen: A. Haren, B. Karspel.
Twee begrippen uit het Oudnederlands
A. Haren is een verbastering van Hering. Dit betekent 'vrij gebied' in Oudnederlands. Rond 1295 werd
er een terp opgeworden tussen Dirkshorn, Tuitjenhorn en Kalverdijk. Daarop kwam later een kerkje te
staan met enige bebouwing. Het land was in eigendom van de Abdij van Egmond. Deze abdij gaf het
gedeeltelijk in 1289 weer in leen aan de Heren van Egmond.
De Heren bepaalden dat dit gebied een vrije plaats was om zich te vestigen. Een 'Hering' dus. Deze
woonplaats gaf later de naam aan de gemeente. Veel later (in de 20e eeuw) werd het buurtschap omgedoopt
in Kerkbuurt. Toen bleef alleen de gemeentenaam nog als herinnering aan dit vrije gebied over.
B. Karspel is een verbastering van Kerspel, ook carspel of carspil genoemd. Een kerspel is de
oorspronkelijke Oudnederlandse benaming voor kerkgemeente, parochie. Deze benaming werd vanaf de 16e
eeuw ook gebruikt voor de aanduiding van wat men later de 'burgerlijke gemeente' zou gaan noemen. Na
1600 ging deze laatste betekenis in de Republiek der Verenigde Nederlanden overheersen. Er zijn nu nog
verscheidene dorpen en steden in Nederland met het woord 'karspel' in de naam.
De naam Harenkarspel is dus ontstaan door een samenvoeging van een vrij gebied om te wonen (hering)
met een kerkelijke, later burgerlijke gemeente (kerspel).
Verwarring:
"Hering" moet u niet verwarren met het Oudnederlandse woord 'Heringc' = haring. Deze vis
werd hier tot de sluiting van de Westfriese Omringdijk in 1320 wel gevangen. Die vergissing heeft men
in vroeger jaren wel gemaakt.
In het oude gemeentewapen van de oorspronkelijke gemeente waren drie haringen opgenomen. Nu siert nog
één haring het huidige gemeentewapen.
Veranderingen in de gemeentenaam:
De gemeentenaam Harenkarspel heeft diverse subtiele veranderingen ondergaan:
Heringhcarspel (1289), Heringkerspel (1500), Harinckcarspel (1580), Haringhcarspel (1625), Herencarspel
(1700), Haringcarspel (1850).