Archivering » De Speelwagen » 1955 » No. 10 » pagina 263
Eerder verschenen in 'De Speelwagen', 10e jaargang No. 9/10, 1955,
pagina 263.
Uitgave: Historische Genootschappen in Hollands Noorderkwartier.
Auteur: W. J. Wognum.
De na de beruchte kerkbrand van 1895 in 1897 als een Phoenix uit zijn as verrezen gemeente-toren
van Schagen is een zeer fraai bouwwerk. Reeds van verre valt hij op in het vlakke land in de kop van
Noord-Holland, tezamen met zijn trouwe metgezel, de toren van de r.k. kerk. Van deze laatste, die in
een zeer strakke lijn is gebouwd, onderscheidt hij zich door een zekere speelsheid van lijnen. In het
historische stadje beheerst deze toren de gehele Markt en zelfs drukt hij een stempel van speelse
schoonheid op de gehele plaats.
Dit spel van schoonheid en speelsheid wordt nu onderstreept door het feit, dat deze toren sedert 3
december 1955 tot een zingende toren is geworden.
Door een in deze tijd weldadig aandoende samenwerking op financieel gebied tussen de burgerij en de
gemeentelijke overheid is deze fraaie toren thans van een prachtig carillon voorzien, dat op ieder
kwartier, half en heel uur zijn vrolijke wijsjes over het stadje uitstrooit.
De bekende klokkengieters, de Fa. Gebr. van Bergen te Heiligerlee, hebben de toren - een schepping van
de bekende architect Van der Steur - van een carillon van tweeëndertig klokken en klokjes voorzien.
Door de kundige wijze, waarop dit klokkenspel in de toren is geplaatst, zijn die klokken goed zichtbaar
opgehangen en onderstrepen als het ware de fraaie lijnen van de toren. Schagen kan zich zodoende met
zijn fraaie, zingende toren thans op een zeer rijk bezit beroemen.
„Het volk der Nederlanden, van het nauw van Calais tot den Dollart, is van ouds bezield geweest
met een geest van individueelen vrijheidszin. En van dien geest zijn onze torens de sprekende, de
zingende symbolen.” Deze uitspraak van de grote carillonkenner en -beschrijver mr. A. Loosjes,
is hier wel zeer van toepassing. Moge het carillon een tijdperk van vrede en welvaart voor het stadje
ingeluid hebben en moge het tot in lengte van jaren zijn schone en vrolijke klanken over Schagen
blijven strooien.
W. J. Wognum