Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families De Westfriese Molens

 

Delen
:



RSS

Facebook

Archivering » Ach Lieve Tijd » Deel 4: Westfriezen en hun steden » pagina 95

Twintig eeuwen West-Friesland, de Westfriezen en hun steden

Wat wij nu kennen als het Peperhuis aan de Wierdijk in Enkhuizen, werd in 1625 gebouwd als woon- en pakhuis door koopmanreder Pieter van Berensteyn. De VOC kocht het pand in 1682 van hem voor ƒ 2.600. (ZZM)

Binnen de stadsmuren waren siertuinen te vinden ten zuiden van de Eilands Haven (nu Pekelharingshaven). Buiten de stad lagen de fraaie lusttuinen vlak buiten de singel gracht aan het Keern en langs de Westersingel en de Brakeweg. De allerrijksten hadden behalve een tuin ook een buitenverblijf waar zij langere tijd konden vertoeven. Vooral de Beemster was een populair buitengebied. De elite van de steden bestond tussen 1700 en 1800 voor een groot deel uit de regenten van de stad en hun familie. Vaak belegden zij hun geld in buitenplaatsen en landgoederen en leefden zij ruim van de rente van hun vermogen. Ze hadden veel vrije tijd en konden zich met culturele en sociale activiteiten bezighouden.

Uitheemse rariteiten

Vanaf 1550 werden Hoorn, Enkhuizen en Alkmaar steeds groter en voornamer. Hoorn werd één van de belangrijkste in- en uitvoerhavens aan de Zuiderzee. Aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog was de stad zelfs belangrijker dan Amsterdam. Enkhuizen beleefde tussen 1600 en 1650 het toppunt van zijn bloei, toen de haringvisserij er floreerde.

De Nieuwsteeg in Hoorn werd ook wel de ‘Hoornsche Kalverstraat’ genoemd. (ZZM)

De haringvisserij betekende een stimulans voor de stedelijke scheepsbouw en daardoor voor de aanverwante bedrijven als houthandel, houtzagerijen, lijnbanen (zestien in totaal), kuiperijen en haringpakkerijen. Aan de Ketendijk stonden 63 zoutziederijen. Veel ingevoerde goederen werden in Enkhuizen tijdelijk opgeslagen om te worden doorgevoerd. De economische expansie van Enkhuizen lokte duizenden immigranten naar de stad, onder wie veel buitenlanders. Er woonden rond 1650 ongeveer 25.000 mensen, 8.000 meer dan tegenwoordig. Op Amsterdam en Haarlem na was Enkhuizen toen, in de Gouden Eeuw, de grootste stad van het huidige Noord-Holland.
De bloeitijd schonk Enkhuizen een aantal grootheden: Enkhuizers die de stad aanzien gaven. Stadsgeneesheer Bernardus Paludanus (1550-1633) bouwde door zijn vele buitenlandse reizen een vermaarde collectie naturalia en uitheemse rariteiten op.



Bernardus Paludanus (1550-1633) was stadsgeneesheer van Enkhuizen. Op dit schilderij van Hendrick Gerritsz. Pot houdt hij een takje peper vast: in zijn tijd ook een geneesmiddel. (ZZM)

 


© 1924-2017 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.