Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families De Westfriese Molens

 

Delen
:



RSS

Facebook

Archivering » Ach Lieve Tijd » Deel 3: Westfriezen en hun strijd tegen het water » pagina 73

Twintig eeuwen West-Friesland, de Westfriezen en hun strijd tegen het water

Alkmaar was evenwel niet klein te krijgen. Tot in de negentiende eeuw zou Alkmaar het in de polder voor het zeggen houden.
Gelijksoortige belangentegenstellingen als bij de Grote Waard speelden zich ook af bij de droogmaking van de Berkmeer. Het waren de scheepvaartbelangen van noordelijk West-Friesland en Hoorn waarom de Berkmeer niet gelijktijdig met de Grote Waard werd drooggemaakt, hoewel het er één geheel mee vormde. De bedijkers werden zo gedwongen tussen beide meren een dure dijk midden in het water aan te ‘plempen’. ‘Plempdijk’ is nog steeds de naam van de scheidingsweg tussen beide polders.

Zo naderden de schepen tot ver na 1800 Medemblik. Steil rijst de wiermuur achter de stenen glooiing op. Bij storm uit het noorden en hoog water stoof het Zuiderzeewater met geweld tegen die muur omhoog, om gedeeltelijk op de stenen terug te vallen. Nog in 1822 gaf het stadsbestuur aan deze muur van wier de voorkeur, ondanks alle risico's van paalworm en kruiend ijs in strenge winters. (RANH)

Toen de Berkmeer alsnog werd drooggelegd, kreeg de nieuwe droogmakerij een eigen ringsloot die één geheel ging vormen met die van de Heerhugowaard. Vanuit noordelijk West-Friesland was daarmee de vaarweg naar Hoorn verzekerd. Maar Hoorn schoot er weinig mee op. De schippers trokken vanuit noordelijk West-Friesland meestal richting Alkmaar via de omstreden Hoornse Vaart.
Van de overige Westfriese droogmakerijen noemen we hier de Wogmeer, Baarsdorpermeer, Bennemeer en Schagerwaard of Witsmeer met omringende meren. Van deze serie was de lastige Wogmeer het eerst aan de beurt. Op 8 november 1607 werd hiertoe aan Jacob van Duvenvoorde, heer van Obdam en Hensbroek, het octrooi verleend. Met zes molens en honderden werkkrachten werd het karwei geklaard. De Baarsdorpermeer en Bennemeer kwamen respectievelijk in 1624 en 1630 aan de beurt. De vijftien plassen ten zuiden van Schagen werden in 1635 drooggelegd.

Ze dronken een glas...

Tweemaal per jaar werden dijk en magazijnen van Drechterland door beide dijkgraven en hun heemraden geïnspecteerd. In koetsjes kwamen de heren over de dijk en keken in de magazijnen of alles er nog was: zeilen, gewichten en ander belangrijk materiaal. Voor de schooljeugd strooiden ze een handvol centen op de weg en de dapperste jongens die een paard durfden vasthouden (‘bewaken’), kregen een dubbeltje. Dit alles kort na 1900. De rit van de dijkheren eindigde in Enkhuizen, waar ze in ‘Die Porte van Cleve’ hun dorst lesten. Tenslotte kwamen zij ‘met een sneetje in het oor’ thuis. Het volk smaalde: ‘Zij dronken een glas, zij piesten een plas, maar het bleef zoals 't was’.

 


Begin deze eeuw werd de Drechterlandse dijk, het gedeelte van de Westfriese Omringdijk tussen Rustenburg en Ursem, opgehoogd met een muur. Op deze plek was de dijk namelijk te laag om opgestuwd boezemwater of bij een eventuele doorbraak van de zeedijken het Zuiderzeewater te keren. Ook bij Oudendijk en Avenhorn zijn soortgelijke muurtjes aangebracht. (HKU)

 


© 1924-2017 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.