Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families De Westfriese Molens

 

Delen
:



RSS

Facebook

Archivering » Ach Lieve Tijd » Deel 2: Westfriezen en hun verkeer » pagina 54

Twintig eeuwen Westfriezen en hun verkeer

Notaris J.P. Backx uit Wieringerwaard was in 1896 met zijn Daimler de eerste particuliere-autobezitter in Noord-Holland en misschien zelfs wel van heel Nederland. Backx stond rond de eeuwwisseling op de grens van twee tijdperken. Naast trotse bezitter van een nieuwerwetse auto was hij tegelijk medebelanghebbende in de Spoor- en Tramwegmaatschappij Wieringen-Schagen.

Door de populariteit van de fiets in de jaren twintig ontstond het nieuwe beroep van rijwielhersteller. Op deze foto uit 1925 de zaak van S. Koorn uit Hoogwoud. (C. Mooij, Hoogwoud)

In 1915 telde Nederland al 4.729 auto's. De eerste autobussen deden hun intrede, die de door paarden getrokken omnibussen van weleer vervingen. De autobussen waren aanvankelijk vrachtwagens met een eenvoudige houten bak; als zitting dienden net als bij de omnibus twee houten langsbanken. Zo zagen de autobussen er uit waarmee J.B. Post, fietsenmaker te Hoorn, op 3 april 1922 de eerste lijndienst Hoorn-Enkhuizen opende. De bussen waren niet verwarmd en hadden massieve banden. Een retour Hoorn-Enkhuizen kostte dertig cent en dat was minder dan de Nederlandse Spoorwegen voor de treinreis berekenden. De onderneming van Post groeide uit tot de WACO, de ‘West-Friesche Auto Car Onderneming’. Wie als particulier met de bus wilde, kon een ijzeren vlag krijgen. Waar de vlag uithing, stopte de chauffeur. Na de Tweede Wereldoorlog werd de WACO onderdeel van de NACO te Purmerend, totdat in 1974 de NACO werd ondergebracht in de NZH te Haarlem, de Noord-Zuidhollandse Vervoersmaatschappij.

Snelle wegen

Tijdens de Eerste Wereldoorlog besloot de overheid het wegennet aan te passen aan de nieuwe ontwikkelingen. De bestaande smalle puin- en grindwegen uit het midden van de negentiende eeuw, om maar niet te spreken van de talrijke onverharde klei- en zandwegen, waren niet meer in staat het snellere, zwaardere en intensievere verkeer te verwerken. Voor Noord-Holland kwam daar bij dat de watersnood van 1916 veel vernielingen had aangericht in Oostzaan, Waterland en de Anna Paulownapolder.
Bij Andijk hield de zeedijk het maar net. De provincie ontwierp in 1924 een eigen wegenplan, dat werd aangevuld door een rijkswegenplan.

In 1922 zou Willem van Graft uit Heerhugowaard in zijn privévliegtuig ‘Albatros’ een vliegdemonstratie geven op het Hoornse Hop. De belangstelling was zo groot, dat hij er vanaf zag. Van Graft was bang dat er mensen door het ijs zouden zakken. Het bleef daarom bij een landing. In 1926 begon hij een eigen vliegschool. (C. Modder, Aartswoud)

Ook voor de duizenden fietsers die het nog vaak met de ‘paardenpadjes’ van klinkers moesten doen, braken betere tijden aan toen de basis gelegd werd voor de verharde wegen zoals wij die nu kennen.
In deze periode werd ook een deel van de Westfriese kanaalplannen gerealiseerd. De uitgegraven aarde werd benut voor de aanleg van moderne verkeerswegen. In snel tempo kreeg West-Friesland tien provinciale wegen.
Na de Tweede Wereldoorlog is het wegennet verder verbeterd. De A7 is een snelle verbinding tussen West-Friesland, Amsterdam en de Afsluitdijk en Schagen werd rechtstreeks verbonden met Alkmaar. De Drechterlandseweg/Westfrisiaweg kwam er tussen Enkhuizen en Hoorn en Enkhuizen werd verbonden met Lelystad. Sinds de jaren zestig is de rol van de binnenvaart in West-Friesland zo goed als uitgespeeld.

Een volk op wielen

De verkeersstroom volgt in West-Friesland al eeuwen de lijnen noord-zuid. Amsterdam is de grote trekker. West-Friesland lijkt in onze tijd in tweeën geknipt: het deel westelijk van de Langereis bij Hoogwoud is gericht op Alkmaar-Den Helder, de driehoek Hoorn-Enkhuizen-Medemblik blikt richting Afsluitdijk en Purmerend-Amsterdam.
Sinds de ‘overloop’ van duizenden Randstedelingen naar West-Friesland zijn Hoorn en Purmerend uitgegroeid tot satellietsteden van Amsterdam en is Heerhugowaard meer en meer gaan lijken op een buitenwijk van Alkmaar. Het nieuwe West-Friesland is volledig opgenomen in Noord-Holland.

Gebruikte afkortingen:

© 1998 Uitgeverij Waanders b.v., Zwolle
Druk: Waanders Drukkers, Zwolle
ISBN 90 400 1090 0

Deze aflevering is mede tot stand gekomen dankzij de financiële ondersteuning van het Streekvervoersbedrijf NZH te Haarlem.

 


© 1924-2017 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.